Gestructureerde zorgaanpak in de regio helpt mensen met astma en COPD
Geplaatst op: januari 22, 2026
Bron: Longfonds
De eerste resultaten van deze zorgaanpak laten zien dat veel mensen en zorgverleners tevreden zijn. De aanpak zorgt voor meer duidelijkheid, betere samenwerking en meer aandacht voor wat iemand zelf nodig heeft. In mogelijk vervolgonderzoek wordt gekeken of de kwaliteit van zorg meetbaar verbetert en of de aanpak kosten bespaart.
Voor veel mensen met astma of COPD is de huisarts het eerste aanspreekpunt. Maar de zorg en begeleiding zijn niet overal hetzelfde. Een regionale zorgaanpak moet daar verandering in brengen.
Spreekuur bij de huisarts
In Nederland leven meer dan een miljoen mensen met een longziekte zoals astma of COPD. Voor veel van hen is de huisarts het eerste aanspreekpunt. Een advies vragen aan een longarts kan deze zorg ondersteunen. Maar de zorg en begeleiding zijn niet overal hetzelfde. Dit kan gevolgen hebben voor hoe snel iemand een goede diagnose krijgt en welke behandeling wordt ingezet.
Daarom is in 2023 gestart met het project Regionale Zorgaanpak Astma en COPD. In deze aanpak werken huisartsen, praktijkondersteuners en longartsen nauwer samen. Longfonds en Long Alliantie Nederland ondersteunden het project. Het doel is: duidelijkere stappen in de zorgaanpak, betere samenwerking en meer aandacht voor wat iemand zelf belangrijk vindt in het leven met een longziekte.

De zorg in vier stappen
De regionale zorgaanpak volgt een vast zorgpad dat uit vier stappen bestaat. Dit helpt zorgverleners om onderzoeken en gesprekken op een goede en gelijke manier uit te voeren.
Goede diagnose
De huisarts stelt de diagnose op basis van een gestructureerde anamnese, een longfunctieonderzoek (spirometrie) en gezondheidsvragenlijsten. De longarts of kaderhuisarts astma/COPD kan online meekijken, de uitslagen mede beoordelen en advies geven over de diagnose en de behandeling.
Bespreken van de diagnose
De huisarts bespreekt de uitkomsten met de patiënt. Samen wordt gekeken welke behandeling het beste past.
Individueel zorgplan
Mensen worden actief betrokken bij hun behandeling. Samen met de huisarts of praktijkondersteuner bepalen zij de doelen die passen bij hun situatie. Bijvoorbeeld beter leren inhaleren, stoppen met roken of meer bewegen.
Regelmatige controle
De voortgang wordt regelmatig samen besproken. Zo kan de behandeling worden aangepast als dat nodig is.
De ziektelastmeter helpt bij het gesprek
In het project wordt gebruikgemaakt van een hulpmiddel: de ziektelastmeter. Dit is een instrument dat met ballonnen zichtbaar maakt hoe iemand zijn klachten ervaart. In een overzicht staan ballonnen in verschillende kleuren. Rode ballonnen laten zien dat iemand veel ziektelast van zijn/haar astma of COPD heeft. Dit kan bijvoorbeeld benauwdheid, vermoeidheid of moeite met bewegen zijn. Oranje en groene ballonnen geven aan dat iemand minder tot geen klachten ervaart.
Mensen met een longziekte zijn tevreden
In vier regio’s is deze aanpak getest. Binnen een regio werkten tenminste een huisarts, een praktijkondersteuner huisarts en een longarts samen om de longzorg te verbeteren. 139 mensen in deze regio’s vulden een vragenlijst in na hun diagnosegesprek.
Zij gaven de ontvangen zorg gemiddeld een 8,4 en de communicatie met hun zorgverlener een 8,5. Veel mensen voelden zich gehoord en betrokken. Zij konden meepraten over het zorgplan en ervaarden meer ruimte om hun zorgen en vragen te delen. Ook werd bij het merendeel van de deelnemers gesproken over het omgaan met de ziekte door middel van aanpassingen in de leefstijl, zoals bijvoorbeeld het verbeteren van het bewegen.
Ook zorgverleners zien voordelen
Acht betrokken zorgverleners werden geïnterviewd over hun ervaringen met deze zorgaanpak. Zij gaven de aanpak gemiddeld een 8,5. Volgens hen zorgt het zorgpad voor:
- Snellere terugkoppeling van onderzoeken
- Beter overleg tussen huisarts en longarts
- Minder onnodige doorverwijzingen naar de longarts
- Meer kennis en vertrouwen bij huisartsen en praktijkondersteuners
- Zorg die beter past bij de persoon zelf
Doordat huisartsen en praktijkondersteuners vaker en beter ondersteund worden door de longarts, kunnen zij meer zorg zelf leveren. Hierdoor wordt de druk op de zorg in het ziekenhuis kleiner.
Lees het artikel bij Longfonds
Auteurs:
Prof. dr. Onno van Schayck, Hoogleraar preventieve geneeskunde Maastricht, Prof. dr. Thys van der Molen, Emeritus Hoogleraar huisartsgeneeskunde Groningen, Drs. Lidewij Sekhuis, Senior Projectleider Long Alliantie Nederland, Drs. Yvonne Kappe, Senior Projectleider Longfonds